-
Słownictwo
- afleren, vergeten, verleren
- Kleef
- doosvrucht, kapseltje, capsule
- roos
- uitheems, buitenlands
- open haard, haard, haardstede
- duivels, hels
- negentig
- lang
- afleren, afwennen
- taalkundige, linguïst, taalgeleerde
- afzender, verzender
- Ammon
- Israelisch, Israëlisch
- Hannibal
- riem, ceintuur, gordel
- Mexico
- werkkracht, werker, werkman, arbeider
- beschaafd, wellevend, welgemanierd
- groeten, begroeten
- prototype
- anus, aars
- heel, geheel
- afpersing, knevelarij
- Bethlehem
- pisang, banaan
- rondreizen, rondtrekken, trekken
- morren, brommen, mompelen, mummelen
- Transkei
- bedroefd
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Styx (nl.)
Styx (en.)
bloesem (nl.) - blossom (en.)
doodgaan, overlijden, sterven (nl.) - die (en.)
Oostindisch (nl.) - East-Indian (en.)
rinoceros, neushoorn (nl.) - rhinoceros (en.)
gemiddeld (nl.) - mean (en.)
getalenteerd, talentvol (nl.) - talented (en.)
pastel, tekenkrijt, kleurkrijt (nl.) - pastel (en.)
monteren, zetten (nl.) - mount (en.)
achtersteven, spiegel (nl.) - stern (en.)
luifel, afdak (nl.) - penthouse (en.)