-
Słownictwo
- bebouwen, bewerken, kweken
- huizen, resideren, gevestigd zijn
- rente, percent, procent
- Titan
- Verlosser
- omroepster
- compromis
- tabak
- employé, werknemer, personeelslid
- wissel, cambio
- alleenstaand, geďsoleerd
- recenseren, bespreken
- toegegeven
- belemmeren, afsluiten, afdammen
- bloedarm
- zangvogel
- chequeboekje
- doorroeren, omroeren, roeren
- Dalmatiër
- dertig
- snoeien
- Kiëv
- Rijnland
- monsterachtigheid
- fantasie, verbeeldingskracht
- glossarium
- ongezien
- min, minus
- Bergen
- videorecorder
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Mauretaniër (nl.)
Moor (en.)
wereldstad, grote stad (nl.) - city (en.)
afdalen langs een dubbelbevestiabseil (nl.) - abseil (en.)
borax (nl.) - borax (en.)
lijnpiloot (nl.) - airline-pilot (en.)
zaal, salon (nl.) - parlour (en.)
verstrikken, betrekken, verwarren (nl.) - entangle (en.)
voorkant, gevel, voorzijde, front (nl.) - frontage (en.)
zijn, verkeren, wezen (nl.) - be (en.)
onder de knie krijgen, meester worden (nl.) - master (en.)
traditie, overlevering (nl.) - tradition (en.)