-
Słownictwo
- beneden, onder
- aanvoerder, baas, gebieder, chef
- koepel
- degelijk, eerzaam, eerlijk
- Congo, Kongo
- een backup maken, een backup maken van
- hè, of, hetzij
- inconsequent
- standhouden, bezwaar hebben tegen
- Spaans
- loflied, lofzang
- carnaval
- lid van een geleerd genootschapacademician
- tante
- radiator
- rukken
- misvatten, verkeerd begrijpen
- muziekles
- passen, in overeenstemming zijn
- Bengaals
- Jap
- Mycene
- kool
- overtroeven, overtreffen
- provisiekast
- ootmoed, deemoed, nederigheid
- ginds, aldaar, daar, er, daarginds
- videoband
- moerbeiboom, moerbei
- kijker, oog
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
goedheid (nl.)
goodness (en.)
halsstarrig, hardnekkig, koppig (nl.) - stubborn (en.)
onaardig, bars, nurks, honds, nors (nl.) - brutal (en.)
kapje, accentteken, accent (nl.) - supersign (en.)
schrijden (nl.) - stride (en.)
schouderblad (nl.) - shoulderblade (en.)
aansporing (nl.) - incitement (en.)
doortrapt, slim, gewiekst, listig (nl.) - cunning (en.)
dieet (nl.) - diet (en.)
cijns, schatting (nl.) - tribute (en.)
opvrolijken, amuseren, onderhouden (nl.) - amuse (en.)